donderdag 22 mei 2003

Kermis

foto van: http://www.dorpsfeest-santpoort.nl/
Kermis

Er is plaats genoeg
werp met een bal de herrie aan
Een agressieveling wil nu al
op de machine slaan

Het is nog veel te vroeg
We staan er net
Het eten heeft zelfs
De luiken nog niet open gezet
Daar heb je de man

Zitten de stekkers erin
Gooi de lichten maar aan
met een knal

Neem een suikerspin
Bots eens een karretje
De kermis ramt zich in mijn kop

Zet het uit...
Zet het uit!

Ik sterf in plat vertier


maandag 17 maart 2003

Met de mond vol tanden - enkele argumenten voor de inval in Irak

“Yankees Go Home!”,”No More War!”,”Peace, Love and Unity!”. Zomaar een greep uit de loze kreten die 15 februari 2003 gescandeerd werden. 70.000 mensen stonden op de Dam in Amsterdam met spandoeken en borden. Zij demonstreerden tegen een oorlog in Irak. Dat is weinig in vergelijking met de demonstraties die tegelijkertijd in Londen, Berlijn, Melbourne, Tokyo, Rio de Janeiro en andere steden rondom de wereld gehouden werden. Maar het was dan ook erg koud in Nederland.Een deel van hen demonstreerde enkel tegen het solo-optreden van de VS inzake Irak. Zij zouden wel achter een oorlog staan zodra die onder de vlag van de Verenigde Naties zou worden uitgevoerd. Het grootste gedeelte echter was aan het demonstreren tegen oorlog in al zijn verschijningsvormen. Principiële pacifisten zou je deze mensen kunnen noemen, maar hoe verdedigbaar zijn hun standpunten?

Principiële pacifisten denken dat ‘vredelievende’ principes altijd verheven zijn boven zogenaamde ‘oorlogszuchtige’ principes. Wie kan er van zichzelf zeggen dat hij oorlogszuchtig is? Ik niet. Hoe edelmoedig ook, het staan voor je principes leidt vaak tot ruzie en nare ervaringen. Zie hier het dilemma. Een aantal jaren geleden zei ik tegen die jongen die om mijn portemonnee en mijn mobiele telefoon vroeg dat het toch echt mijn spullen waren en dat hij zich die niet zomaar kon toe-eigenen. Een mooi principe dat leidde tot een gebroken neus, gekneusde ribben met nog net geen mes ertussen en een paar uur op het politiebureau om aangifte te doen. Echt pacifisme vereist dat je een ander niets aandoet wanneer hij jou wat aandoet. Gewone mensen liggen dan al snel in het ziekenhuis.

Vrede tegen elke prijs. Dat was de hoofdreden voor de demonstranten om de straat op te gaan. Ik vraag me af in hoeverre ik deze mensen serieus moet nemen. Het ziet ernaar uit dat meer en meer mensen zich scharen achter het pacifistische standpunt. Zij verklaren aan iedereen die het horen wil dat ze tegen oorlog zijn. Dat vind ik wel erg makkelijk. Iedereen is tegen oorlog. Oorlog als fenomeen is verwerpelijk, maar bij tijd en wijle is oorlog een noodzakelijk kwaad.

Principieel pacifisten zijn overtuigd van hun gelijk. Oorlog is slecht! Verder dan dat gaat hun betoog eigenlijk niet. Ze steken hun afkeer van de VS ook niet onder stoelen of banken. Hier is het tegengeluid. Ik heb grote bewondering voor de durf en het doorzettingsvermogen van de Verenigde Staten. Daar durven ze stelling in te nemen in naam van het welzijn van de wereld. Daar heeft men een weloverwogen keuze gemaakt voor wat zij althans het welzijn van de wereld achten. In alle betogingen wordt gesuggereerd dat George Walker Bush alle beslissingen op eigen houtje neemt. Er wordt voorbijgegaan aan het feit dat er een reusachtig besluitvormingsproces is voorafgegaan aan de huidige pressie op Irak. Ook in de VS heeft men zich afgevraagd wat nou geldige redenen zijn om een oorlog te rechtvaardigen. Een despoot die een lange neus trekt naar de vrije westerse wereld is geen reden om ten oorlog te trekken. Maar wat als die dictator zijn volk onderdrukt, is dat dan een geldige reden om aan te vallen, of moeten we het zien als intern conflict? En wat is dan de definitie van een intern conflict? Op het moment dat Irak Koeweit binnenviel heeft het zijn recht verspeeld om onder de definitie van ‘intern conflict’ te vallen. Laat bovenstaande dictator nu ook nog eens op een hele grote plas olie zitten in een instabiel stukje wereld, en mensen vermoorden om hun politieke overtuiging (de Iraakse oppositie), afkomst (de Koerden in het noorden) of geloof (de Sjiïten in het zuiden). Wat dan?

Bijna alle 70.000 demonstranten die op de Dam stonden willen Saddam Hoessein wel graag weg hebben. Hoe?, vraag ik dan. De inspecties zorgen er niet voor dat Saddam Hoessein vertrekt. Lieve woordjes en een aanbod dat hij met rust gelaten wordt als hij in vrijwillige ballingschap gaat, zorgen er ook niet voor dat hij opstapt. En zoals we hebben gezien helpt het dreigen met een oorlog ook niet. Vrede tegen elke prijs. Dat was de inzet voor de demonstraties, maar waar zijn de demonstraties tegen het systematisch, bewust uitmoorden van vrouwen en kinderen in Irak? Waarom is er niet geprotesteerd tegen de speciale kindergevangenissen in Irak, of het feit dat hij diezelfde kinderen foltert voor de ogen van hun ouders zodat hij die mensen onder de duim kan houden. Hoe lang moeten Irakese vrouwen en kinderen lijden onder de verkrachtingen, martelingen en constante geestelijke onderdrukking die deze tiran uitvaardigt? Natuurlijk vallen er onschuldige slachtoffers als er een oorlog komt, maar bovenstaande is het alternatief en niets doen is geen moreel neutrale keuze!

Het is absoluut verbazingwekkend dat er zo weinig mensenrechtendemonstraties zijn geweest. Zeker als we kijken naar de hoeveelheid mensen die de straat op zijn gegaan om te laten zien dat ze tegen een oorlog zijn. Ik heb die mensen niet gezien in Den Haag waar een groep Irakezen een paar weken geleden demonstreerden om de terreur en de martelingen waar het volk van Irak onder Saddam’s beleid aan onderhevig is aan de kaak te stellen. Ik word moe van zoveel hypocrisie. Hopen alle demonstranten dan dat Saddam inziet dat het beter is om op te stappen als hij zijn volk wil behoeden voor het naderend onheil? Misschien dat hij ervoor kiest vrijwillig zijn regering te laten vallen, de Baath partij op te heffen en rustig in Libië de rest van zijn levensdagen te slijten. Wat denkt u?

Wat valt er te zeggen over het argument dat Amerika schijnbaar de wereld wil overheersen en dat de Amerikaanse hegemonie ervoor zorgt dat het lijkt alsof ons een Pax Americana opgedrongen wordt? Ik wil u terugnemen naar de tijd dat Amerika zich liever niet bemoeide met wat er in al die verre vreemde buitenlanden gebeurde.Saddam is geen Hitler en de tweede wereldoorlog was lang geleden, maar we staan wel voor een soortgelijke keuze als 55 jaar geleden! De analogie die ik wil trekken is die van München in 1938. Grijpen we nu in met een goede kans op succes en een beperkt aantal slachtoffers, of grijpen we later in wanneer er veel meer onzekerheden zijn en waarschijnlijk een veel hogere prijs betaald moet worden. In 1938 is niet ingegrepen omdat men bang was voor het uitbreken van een tweede wereldoorlog. Het resultaat van niet ingrijpen hebben we allemaal kunnen zien.

Momenteel staan we voor een zelfde keuze. Er is echter één verschil. In dit geval zijn de Amerikanen er vanaf het begin al bij en niet als het eigenlijk al veel te laat is. Het alternatief houdt mij namenlijk al een tijd bezig. Wat als ze in de VS bij zichzelf denken: het handhaven van vrede en veiligheid in de wereld wordt niet op prijs gesteld. We halen alle troepen uit de hele wereld (Zuid-Korea, Midden-Oosten, Afrika enz.) weg en iedereen zoekt het maar lekker zelf uit. Hoe zou de wereld er dan uit gaan zien?

Ik verwijt al die mensen die geen oorlog willen gebrek aan begrip voor de andere kant van het verhaal. Zij nemen het standpunt van het heilige boontje in, door tegen oorlog te zijn, maar er worden geen oplossingen geboden, noch concrete voorstellen tot verbetering van de situatie gedaan. Oorlog is verschrikkelijk, maar op dit moment is vrede een luxe die we ons niet kunnen veroorloven. Saddam is een kwaadaardig gezwel dat slechts tijdens een operatie met een scherp mes verwijderd kan worden, geen stukje wild vlees dat er vanzelf met een beetje drukken afvalt.
Door Saddam Hoessein uit Bagdad te verwijderen maken de Verenigde Staten duidelijk dat er maar één orgaan ter wereld is, dat bereid is de kastanjes voor de rest van de wereld uit het vuur te halen en daarbij niet bevreesd is zijn vingers te branden. De oorlog met Irak is niet alleen een helder signaal, maar ook een symbolisch gebaar, dat het niet alleen draait om nationale belangen, maar ook om het waarborgen van een zekere wereldwijde orde en het uitdragen van een standaard daar waar het gaat om basisprincipes als vrijheid democratie en mensenrechten. Als de VS dat klusje voor ons willen klaren, mogen we ons gelukkig prijzen.

Chris Bellekom

zaterdag 1 februari 2003

Abou Jahjah is volledig geintegreerd

Dyan Abou Jahjah (1971) bewandelt de wegen die in de vrije rechtsstaat voor hem open liggen met het gemak van een ervaren jurist. Hij weet als de beste wat zijn rechten zijn en hoe hij de autochtone bevolking met eigen wapenen om de oren moet slaan: met de vrijheid van meningsuiting als fakkel in de ene hand en het recht op vrijheid van geloof als zwaard in de andere.

Abou Jahjah is niet het voorbeeld van een allochtoon die niet wil integreren. Nee, hij is het voorbeeld van een a-sociale allochtoon. Iemand die zich geen kans gelegen laat om je erop te wijzen dat je zijn afkomst, zijn cultuur en zijn normen en waarden moet respecteren, maar die ondertussen jouw normen en waarden, jouw cultuur en jouw afkomst niet waardeert. Tenminste, zo lijkt hij over te willen komen. In dit artikel wordt een poging gedaan hard te maken dat Dyan Abou Jahjah (1971) meer geïntegreerd is dan menigeen denkt, inclusief Abou Jahjah zelf.Abou Jahjah’s naam kwam voor het eerst in het nieuws toen hij werkte als vakbondscoördinator voor de migrantenbeweging in België. Vanaf het moment dat hij de Arabisch Europese Liga (AEL) oprichtte is de Antwerpenaar van Libanese origine een publiek omstreden figuur. In de tijd dat hij van zich liet horen bij pro-Palestijnse demonstraties werd met een scheef oog naar hem gekeken wegens een aantal weinig diplomatieke uitlatingen die hem binnen die organisatie de kop kostte. En ook binnen diverse andere moslimgemeenschappen klinken geluiden dat Jahjah de islamitische gemeenschap geen dienst doet door de verschillen tussen allochtonen en autochtonen op de spits de drijven.
Jahjah wijst integratie van de hand.

Hij haalt liever het Amerikaanse model aan waarin verschillende culturen naast elkaar bestaan zonder dat zij elkaar raken of overlappen. Een China-Town, Little-Italy en binnenkort Klein-Cassablanca moeten, gemeten naar de maatstaven van Jahjah, tot de mogelijkheden, misschien zelfs idealen, behoren. Grappig eigenlijk dat Jahjah een Amerikaans model gebruikt ter illustratie van zijn ideeën, terwijl er nogal eens anti-Amerikaanse sentimenten uit zijn mond op te tekenen vallen.Het behoud van een eigen cultuur is in Jahjah´s ogen niet mogelijk als migranten zich gaan gedragen als westerlingen. Zijn strenge versie van deze opvatting biedt geen ruimte voor de vraag wat wél en wat niet de vrije keuze is van individuele mensen zelf. Zodra mensen zich clusteren en zich (onvrijwillig) moeten voegen naar het ‘Jahjahiaanse’ model, is er ook geen ontsnappingsmogelijkheid meer aan het ‘Klein-Cassablanca’ syndroom. Binnen Jahjah´s ideaal bestaat voor de allochtoon geen mogelijkheid zich te ontworstelen uit de banden van de eigen cultuur, terwijl dit menigmaal juist de reden was voor emigratie uit het land van herkomst. Volgens Abou Jahjah zou dit model kunnen bestaan zonder dat die gesepareerde bevolkingsgroepen buiten de wet komen te staan.“…Wij willen niet assimileren of ergens in het midden blijven hangen. Wij wensen onze identiteit en onze cultuur te behouden, maar wel als gezagsgetrouw en waardig burger in het land waar we leven,” staat te lezen in de beginsel-verklaring van de AEL.Nederlands leren bijvoorbeeld is volgens hem niet nodig, “…want het staat niet in de wet. Je moet je eigen taal niet verloochenen, of het nu Turks of West-Vlaams is. Maar het vrijwillig leren van de plaatselijke taal is een positief punt. Zo kan je beter functioneren.” Beter functioneren: een beter argument om het leren van de plaatselijke taal voor nieuwkomers, bij de wet, verplicht te stellen hadden we nog niet gehoord. Wat dat betreft draagt Abou Jahjah dus zijn steentje bij aan de discussie over de integratie van allochtonen in de westerse samenleving.

Het feit dat nogal wat migranten zich achtergesteld voelen, doet Jahjah concluderen dat het totnogtoe gevoerde integratiebeleid een complete mislukking is. Wat deze opvatting betreft zitten de AEL en het Vlaams-Blok van Filip Dewinter op een lijn, ware het niet dat het perspectief van beide groeperingen tegenovergesteld is. Daar waar Filip Dewinter de schuld voor de falende integratie voor het grootste gedeelte bij de allochtone bevolking legt, doet Jahjah precies het tegenovergestelde, namelijk beweren dat alle schuld ligt bij de autochtone bevolking.
De mediagenieke kwaliteit van Jahjah doet hem in de publieke opinie zeker geen kwaad. Wat Bos voor de PVDA betekende, zou Jahjah kunnen zijn voor de AEL mocht hij zich politiek willen laten gelden. Het moge duidelijk zijn dat als Jahjah aan het stereotiepe beeld van woordvoerder van de islamitische gemeenschap had voldaan - wat ouder, baard, etc. - hij naar alle waarschijnlijkheid niet zo’n grote invloed had gehad op de jongeren in Antwerpen als nu het geval is. Jahjah is energiek, brutaal, knap, jong en zeer vlot van tongriem gesneden. Daarbij beheerst hij het gesproken Nederlands foutloos. Waarmee hij overigens indirect bewijs levert dat taal een machtig middel is voor wie maatschappelijk wil functioneren, of taalbeheersing nu door de wet wordt voorgeschreven of niet. En juist zijn maatschappelijke positie, zijn maatschappelijke functioneren maken van Jahjah het toonbeeld van een betrokken burger. Weliswaar een burger die slechts zijn eigenbelang dient, maar toch…


Qua inhoud spreidt Jahjah zonder enige gêne een grote mate van populisme ten toon. Voor iemand die niet wil dat er over één specifieke bevolkingsgroep gegeneraliseerd wordt, is hij nogal rap met het generaliseren van de autochtone bevolkingsgroep. Met zijn ongenuanceerde uitspraken over het falen van de door de overheid geïnitieerde integratiemodellen maakt hij een heleboel onderbuikgevoelens los bij de jonge, gefrustreerde tweede- en derde-generatie migranten. Zal hij zich laten gelden als spreekbuis voor een allochtoon deel van de Nederlandse bevolking dat het niet meer pikt? Of slaat de, voor het overgrote deel uit gematigde moslims bestaande, migrantengemeenschap geen acht op deze man met zijn hyperbolen en overdreven uitvergrotingen van de werkelijkheid? Staat integratie de culturele identiteit van de Moslimgemeenschap in de weg of kan men een goed burger en een goed moslim tegelijk zijn? Op deze vragen geeft Jahjah in zijn artikelen en speeches slechts een eenzijdig of helemaal geen antwoord.

Een van de redenen waarom het voor een grote groep mensen zo aantrekkelijk is om de schuld bij de autochtone bevolking te leggen, is dat het behoud van eigen cultuur en identiteit geen enkele inspanning kost na het betreden van een vreemde leefomgeving. Integreren en meedoen in een nieuwe (zelf verkozen) maatschappij vormen daarentegen een continue, onaflaatbaar en soms moeizaam proces is. Integreren is geen simpele opgave en integratie is geen simpel onderwerp. Het behouden van de eigen identiteit met de daarbijbehorende cultuur, taal en groepsvorming is wellicht de weg van de minste weerstand. Sociologisch heeft Jahjah dus goed door hoe het werkt en ook hiermee geeft Jahjah er dus blijk van een goed geïnformeerde, geïntegreerde en betrokken burger te zijn, die zich terdege bewust is van zijn wettelijke rechten, maar zich niet veel gelegen laat aan zijn sociale plichten.


“…Maar juist omdat Jahjah op het eerste gezicht radicaal lijkt te zijn maar dat helemaal niet is, kan de ideologie van de AEL ook in Nederland aanslaan“, vermeldt Seyfi Özgüzel, lijsttrekker van Duurzaam Nederland en socioloog van Turkse komaf in een artikel in de Groene Amsterdammer. Op het eerste gezicht lijkt de AEL een radicale beweging, maar wie zich verdiept in de uitspraken van Jahjah zal zeker een kleine kern van waarheid vinden. Met name in wijken waar sprake is van een hoge concentratie allochtonen wordt pijnlijk duidelijk dat de economische en sociale ontwikkeling van deze bevolkingsgroepen achterloopt in vergelijking met die van de autochtone bevolking. Deze ongelijkheden zijn hardnekkig gebleken: ondanks inspanningen hebben ze niet willen afnemen. Wonen in panden die rijp zijn voor de sloop, extreem hoge werkloosheid, criminaliteit en geen uitzicht op verbetering van die situatie. Het feit dat de ogenschijnlijk radicale AEL juist in dat soort wijken voet aan de grond gaat krijgen moet voor Nederland een waarschuwing zijn: dergelijke wijken zijn Nederland namelijk niet vreemd en het in België gestookte vuurtje kan wellicht gemakkelijk overslaan. Als er nu geen maatregelen genomen worden op het gebied van taalachterstanden, werkloosheid, onderwijs en het opvoeden van de autochtone bevolking, dan zou de AEL bij de komende verkiezingen landelijk wel eens 5 tot 10 zetels kunnen halen en Abou Jahjah zou dan ook in Nederland een vinger in de politieke pap kunnen krijgen.Deze laatste genoemde situatie, deelname aan de politieke besluitvorming van een land, zou overigens wel het mooist denkbare voorbeeld van een geslaagd integratieproces zijn…

Chris Bellekom

Archief

Notendop

Mijn foto

Vader en Echtgenoot. Gouwenaar en dichter. Informatiespecialist en Ondernemer bij http://www.informatiebureaubellekom.nl. Specialist in postkamertechnologie, postkamerlogistiek en digitale documentstromen met kennis van digitale duurzaamheid. 

Zoeken